Vertaling van "slechtheid" naar de Duitse taal:
Woordenboek Nederlands-Duits
Voorbeelden (Externe bronnen, niet beoordeeld)
| De slechtheid van hun daden is voor hen aantrekkelijk gemaakt. | Das Böse ihrer Taten wird ihnen schön vor Augen geführt. |
| De slechtheid van hun daden is voor hen aantrekkelijk gemaakt. | Ihre bösen Taten sind ihnen ausgeschmückt worden. |
| De slechtheid van hun daden is voor hen aantrekkelijk gemaakt. | Ihr schlechtes Tun ist ihnen verlockend gemacht worden. |
| De slechtheid van hun daden is voor hen aantrekkelijk gemaakt. | Ihnen wurde das Schlechte ihrer Handlungen als schön dargeboten. |
| Willen jullie het soms in lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde nemen? | Wollt ihr es etwa in Verleumdung und offenbarer Sünde fortnehmen? |
| Willen jullie het soms in lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde nemen? | Wollt ihres (etwa) durch Verleumdung und deutliche Sünde (zurück)nehmen? |
| Willen jullie het soms in lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde nemen? | Wollt ihr es denn durch Verleumdung und offenkundige Sünde nehmen? |
| Willen jullie het soms in lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde nemen? | Wollt ihr es (ihnen) etwa in betrügerischer und eindeutig verfehlter Weise wegnehmen?! |
| De rechtvaardige zal het goede zeggen, maar een goddeloze spreekt alleen slechtheid. | Die Lippen der Gerechten lehren heilsame Dinge aber der Gottlosen Mund ist verkehrt. |
| Dan zal heel Israël van deze gebeurtenis horen en zich hoeden voor zo'n slechtheid. | auf daß ganz Israel höre und fürchte sich und man nicht mehr solch Übel vornehme unter euch. |
| De koning geniet van hun slechtheid en de vorsten stemmen in met hun leugens. | Sie vertrösten den König durch ihre Bosheit und die Fürsten durch ihre Lügen |
| Eerlijke mensen worden gered door hun oprechtheid, maar oneerlijke mensen raken verstrikt in hun slechtheid. | Die Gerechtigkeit der Frommen wird sie erretten aber die Verächter werden gefangen in ihrer Bosheit. |
| Met al die slechtheid en verdorvenheid voor ogen zei Hij tegen Noach Ik heb besloten de hele mensheid uit te roeien, want zij is de schuld van alle geweld en slechtheid. Ja, Ik zal de bewoners van de aarde vernietigen. | Da sah Gott auf die Erde, und siehe, sie war verderbt denn alles Fleisch hatte seinen Weg verderbt auf Erden. |
| Zo werd voor Fir'aun de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt en werd hij van de weg afgehouden. | So wurde Fir'aun sein böses Tun ausgeschmückt, und er wurde vom (rechten) Weg abgehalten. |
| Zo werd voor Fir'aun de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt en werd hij van de weg afgehouden. | So wurde dem Pharao sein böses Tun verlockend gemacht, und er wurde vom (rechten) Weg abgewiesen. |
| Zo werd voor Fir'aun de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt en werd hij van de weg afgehouden. | Solcherart wurde Pharao das Schlechte seines Tuns schön gemacht, und er wurde vom Weg abgehalten. |
| Ik weet dat slechtheid bij U geen standhoudt en dat geen enkele goddeloze op Uw bescherming kan rekenen. | Die Ruhmredigen bestehen nicht vor deinen Augen du bist feind allen Übeltätern. |
| De oprechtheid is een betrouwbare gids voor een eerlijk mens, maar trouwelozen gaan te gronde aan hun eigen slechtheid. | Unschuld wird die Frommen leiten aber die Bosheit wird die Verächter verstören. |
| En hij dan voor wie de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt is en die het dan ook als goed beschouwt? | Ist etwa der, dem das Böse seines Tuns verschönt wird, so daß er es als gut ansieht(, rechtgeleitet)? |
| En hij dan voor wie de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt is en die het dan ook als goed beschouwt? | Soll denn derjenige, dem sein böses Tun ausgeschmückt wird und der es dann für schön befindet, (wie jemand sein, der rechtgeleitet ist)? |
| En hij dan voor wie de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt is en die het dan ook als goed beschouwt? | Soll der, dem sein böses Tun verlockend gemacht worden ist und der es dann auch schön findet, (rechtgeleitet sein)? |
| En hij dan voor wie de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt is en die het dan ook als goed beschouwt? | Ist derjenige, dem das Schlechte seines Tuns schön gemacht wurde, und dem es gefiel, (etwa mit dem Rechtgeleiteten gleich zu setzen)? |
| Een koning, die vanaf zijn troon rechtspreekt, ruimt kwaad en slechtheid uit de weg ze verdwijnen als sneeuw voor zijn ogen. | Ein König, der auf seinem Stuhl sitzt, zu richten, zerstreut alles Arge mit seinen Augen. |
| Wie slechtheid begaat en wie door zijn fout omgeven wordt, zij zijn het dus die in het vuur thuishoren zij zullen daarin altijd blijven. | Wer eine böse Tat begangen hat, und wen seine Verfehlung umfangen hält, das sind Insassen des (Höllen)feuers. Ewig werden sie darin bleiben. |
| Wie slechtheid begaat en wie door zijn fout omgeven wordt, zij zijn het dus die in het vuur thuishoren zij zullen daarin altijd blijven. | Wer sich Übeles erworben hat und sich in seiner Sündhaftigkeit eingefangen hält diese werden Bewohner des Feuers sein. Darin werden sie ewig bleiben. |
| Wie slechtheid begaat en wie door zijn fout omgeven wordt, zij zijn het dus die in het vuur thuishoren zij zullen daarin altijd blijven. | Wer eine gottmißfällige Tat erwirbt und dessen Verfehlungen ihn umgeben, so sind diese die Weggenossen des Feuers. Darin bleiben sie ewig. |
| Is dan iemand die op een duidelijk bewijs van zijn Heer steunt gelijk aan iemand voor wie de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt is? | Ist etwa derjenige, der Klarheit von seinem HERRN hat, gleich demjenigen, dem das Schlechte seines Tuns schön gemacht wurde?! |
| Na vier generaties zullen uw nakomelingen hier terugkeren, want eerder zal de slechtheid van de Amorieten niet het peil bereiken, waarop Ik ze zal straffen. (A) | Sie aber sollen nach vier Mannesaltern wieder hierher kommen denn die Missetat der Amoriter ist noch nicht voll. |
| Ja zeker! Wie slechtheid begaat en wie door zijn fout omgeven wordt, zij zijn het dus die in het vuur thuishoren zij zullen daarin altijd blijven. | Nein, diejenigen, die eine schlechte Tat erworben haben und die ihre Schuld umfängt, das sind die Gefährten des Feuers sie werden darin ewig weilen. |
| Zo werd voor Fir'aun de slechtheid van zijn handelen aantrekkelijk gemaakt en werd hij van de weg afgehouden. En de list van Fir'aun leidde slechts tot mislukking. | Also erschien Pharao das Böse seines Tuns im schönsten Licht, und er wurde von dem Weg abgewendet und der Plan Pharaos schlug fehl. |
| Hij heeft de dood verdiend laat hij maar levend ervaren dat God niet bij hem is. Hij woont temidden van slechtheid, zijn innerlijk is er vol van. | Ich aber will zu Gott rufen, und der HERR wird mir helfen. |
| Slechte mensen, hoelang blijft u nog prat gaan op uw slechtheid? En spotters, hoelang blijft u genieten van uw eigen sneren? Hoelang blijven dwazen de wijsheid negeren? | Wie lange wollt ihr Unverständigen unverständig sein und die Spötter Lust zu Spötterei und die Ruchlosen die Lehre hassen? |
| En wie een fout of een zonde begaat en er dan iemand die onschuldig is van beschuldigt, die heeft een lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde op zich geladen. | Und wer einen Fehler oder eine Sünde begeht und sie dann einem Unschuldigen zur Last legt, der trägt eine Verleumdung und eine offenkundige Sünde. |
| En wie een fout of een zonde begaat en er dan iemand die onschuldig is van beschuldigt, die heeft een lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde op zich geladen. | Und wer eine Verfehlung oder eine Sünde begeht und sie hierauf einem Unschuldigen vorwirft, der lädt damit Verleumdung und deutliche Sünde auf sich. |
| En wie een fout of een zonde begaat en er dan iemand die onschuldig is van beschuldigt, die heeft een lasterlijke slechtheid en duidelijke zonde op zich geladen. | Und wer eine Verfehlung oder eine Sünde erwirbt und sie dann einem Unschuldigen vorwirft, der lädt auf sich eine Verleumdung und eine offenkundige Sünde. |